Home

DATUMS DIE JE NOOIT VERGEET                 DOOR RICHTE LOMMERT

Ieder mens heeft in zijn hoofd een aantal data die hem/haar aan bepaalde gebeurtenissen doen herinneren. Dat zijn natuurlijk in de eerste plaats de verjaardagen van partner, kinderen, kleinkinderen, familieleden en vrienden. Als geheugensteuntje stonden de namen op een verjaardagkalender, die vrijwel bij iedereen in het toilet hing. Ook andere gebeurtenissen van heel andere aard zitten soms in het geheugen gebeiteld. Het overlijden van dierbaren wordt herdacht en voor feestelijke herdenkingen gaat de vlag uit. Zo vieren de bewoners van Leiden nog ieder jaar op 3 oktober het ontzet van de Spaanse belegering in 1574 met haring en wittebrood. Ooit had ik een vriend, die ieder jaar op 14 mei van Amstelveen naar Rotterdam reed om bloemen te leggen bij het bombardementsbeeld. Hij had verwanten bij het bombardement verloren.

Als geboren Groninger denk ik op 28 augustus aan het ontzet van het beleg van de stad in 1672 door de Duitse aanvallers.

Onuitwisbaar staat het feest van de 28 augustus 1934 in mijn geheugen. Ik ben zes jaar en ga aan de hand van mijn vader naar de kermis op de Grote Markt. In het midden staat de stoomcarrousel. Dit was een grote draaimolen aangedreven door een stoommachine. Een jongeman schepte voortdurend kolen op het vuur onder de waterketel. Door de ontstane stoom van het hete water werd de kracht ontwikkeld waardoor de molen ging draaien. Mijn vader betaalde een plak (= een muntstuk van twee en halve cent) en zette mij op een houten paard. De orgelman deed een muziekboek in het orgel, wachtte op de stoomfluit, en begon aan het wiel van het orgel te draaien. De machinist gaf stoom en sissend zette de draaimolen zich in beweging en ging door tot het moment dat het orgel ophield met spelen. De machinist sloot de stoom af en de draaimolen minderde vaart en stopte. Mijn vader tilde mij weer van het paard, waarvan ik de teugel de hele rit stevig in mijn knuistjes had gehouden. In de middag moest ik naar bed om ’s avonds om tien uur naar het grote vuurwerk te kijken. Deze twee gebeurtenissen houden voor mij de 28 augustus van Gronings ontzet voor altijd onvergetelijk. Op veel latere leeftijd ben ik nog twee keer naar het feest terug geweest en beide malen viel me de ongedwongen feestvreugde op.

Dan de datum van 6 juni 1944. Op het eerste gezicht een normale winderige, zonnige dinsdag. Op de gebruikelijke 8.15 uur haal ik mijn vriend Wim op en we lopen samen drie kwartier naar school. Het is repetitieweek voor onze overgang van de tweede naar de derde klas (dat we die derde klas nooit zullen afmaken weten we op dat moment natuurlijk nog niet).

Om 11.30 uur zijn de twee repetities afgelopen en lopen Wim en ik weer naar huis; ’s middags herhaalt zich hetzelfde ritueel maar nu valt ons iets op, groepjes mensen staan overal met elkaar opgewonden te praten.

Thuisgekomen zie ik oom Jan die het laatste nieuws heeft verteld: de geallieerden zijn geland in Normandië en onze bevrijding van de Duitse bezetting is nabij. In de avond wordt de landing door de Duitse weermacht bevestigd en er optimistisch aan toegevoegd, dat de landing is mislukt en de vijand in zee is teruggedrongen. Gelukkig is het een nepbericht en kunnen we stiekem, via Radio Oranje, de ware vorderingen volgen. De oude Bosatlas erbij en we zien de namen van plaatsjes waarvan we nog nooit eerder hadden gehoord.

De ware gebeurtenissen op die 6e juni 1944 zijn pas veel later bekend geworden. De duizenden doden, veelal jongeren van 18 tot 24 jaar, en de enorme verwoestingen zijn pas later bekend geworden. Lees hierover het geweldige boek van Cornelius Ryan “De langste Dag” waarin de details van de invasie worden beschreven. Zelf ben ik bijzonder geboeid door de invasie en de bloedige gevechten die in Normandië hebben plaats gevonden. 

torenIn de jaren zeventig ben ik nog een paar keer naar de invasiestranden geweest en iedere keer raakte ik onder de indruk van hetgeen zich daar heeft afgespeeld. Mede door het boek “De langste Dag” (zeer lezenswaardig) kon ik mij een vaag beeld vormen wat zich daar heeft afgespeeld. Ik was in St.Mère Eglise, een dorpje waar tientallen parachutisten, weerloos hangend aan hun parachute, meedogenloos door Duitse soldaten werden beschoten. Eén parachutist bleef met zijn parachute hangen aan de spits van het plaatselijke kerkje. Door zich gedurende 48 uur dood te houden overleefde hij de massale slachtpartij. Voor de toeristen hangt nu nog steeds een parachute aan de spits van de kerktoren met daaraan een als militair verkleedde pop. Commercie als op veel plaatsen in Normandie. Ik zag de steile 30 meter hoge klip van Pointe du Hoc. Soldaten, velen met zestig kilo bepakking, probeerden met behulp van naar boven geschoten touwladders, naar de top te klauteren om een Duits kanon buiten gevecht te stellen. Dat de ontvangst niet een hartelijk welkom was, behoeft geen betoog. De Duitse soldaten stonden op de top van het klif klaar en schoten hun Amerikaanse leeftijdsgenoten onbarmhartig van de touwladders.Onuitwisbaar is het zien van de stranden van Omaha Beach. Haast onmogelijk om je te kunnen voorstellen dat op deze plek duizenden Amerikaanse soldaten een strand op moesten dat bezaaid was met landmijnen en kraaienpoten.

normandie



 klik op pagina


     Uitverkocht.